Expertblog | Compassie is meer dan een gevoel

“Compassie is meer dan een gevoel, het is onze status quo. Je besluit niet als individu, het overmeestert je. Je wordt er gedachteloos in meegezogen. Pas in tweede instantie stem je er bewust mee in, of onttrek je je moedwillig eraan. (..) Het is aan jou om te reageren, en aan niemand anders. (..) (uit ‘Compassie is niet voor watjes’ van Frits de Lange in Trouw op 21 januari 2012). 

handreikingGisteren ging ik samen met mijn dochter naar mijn vader die in een appartement woont boven een woonzorgcentrum. Ik kom bij de centrale ingang binnen, kijk even rond en zie een man die ineengedoken in een rolstoel zit mijn richting opkijken. We hebben oogcontact en zijn schrandere ogen vallen me op. Ik zie dat zijn wijsvinger beweegt en warempel, hij wijst naar mij! Ik loop naar hem toe, terwijl mijn puberende dochter me tegen wil houden omdat ze zich schaamt voor zo’n vrijpostige moeder. Ik buig me naar de man toe, zie dat zijn broek vies is. Hij vraagt: “Kan ik naar boven gebracht worden?” “Ik werk hier niet”, zeg ik, ”maar ik zal iemand vragen”. Tegen een medewerker zeg ik dat die meneer naar zijn appartement wil. Ze zegt: “Ik zal kijken of ik iemand kan vinden”. Zo dat is geregeld, denk ik en ga verder met wat ik kwam doen.

Als mijn dochter en ik op weg zijn naar buiten, kom ik de man in de rolstoel weer tegen. Hij beweegt zich traag voort. Iets in mij moet aan hem vragen of hij hulp nodig heeft. Hij blijkt op weg te zijn naar de brievenbus om te kijken of er post voor hem is. Op zijn verzoek open ik de brievenbus en daarna zegt hij dat hij naar boven wilt. “Ok, ik help u”, zeg ik. En dat moment heb ik als cruciaal ervaren: ik werd in de situatie gezogen en maakte zowel mezelf als mijn dochter hier ondergeschikt aan.

En nu, terwijl ik hele andere plannen heb, sta ik iemand die ik niet ken te helpen. Door een misverstand zien we de lift 2x omhoog en omlaag gaan. Mijn dochter hangend tegen een deurpost zegt: ”Mam, geef me alvast de autosleutels, dan wacht ik in de auto……” Dat geeft ruimte om me geheel te wijden aan deze situatie. De oude man babbelt wat tegen me naar aanleiding van de post die hij op zijn schoot heeft. Hij vertelt me dat hij “hier lopend binnen gekomen is, en moet je me nu zien: door een hersenbloeding”. De lift komt en we stappen in; hij zegt precies wat ik moet doen. Bij appartement 202 aangekomen, doe ik zijn deur open. Op het moment dat we binnenstappen, wijst hij op een schilderij: “Dat is mijn gezin.” Ik voel dat hij verder wilt vertellen, maar ik merk dat ik weg wil gaan, mijn dochter wacht. Dat is apart aan compassie; er zitten grenzen aan. Die keuze gaat mij niet licht af en het spijt mij zeer dat ik hem die aandacht niet geef. “Mijn dochter wacht in de auto, ik moet gaan”, zeg ik tegen hem. Terwijl ik me omdraai, antwoordt hij: “Het is fijn dat er nog mensen zijn die willen helpen.”

Deze ‘man van 202’ gaf onbedoeld een les: Hij wees naar mij en zoog mij daarmee onbewust in zijn leven. Dat gaat dus verder dan een gevoel, dat gaat over even deelgenoot zijn van elkaars leven en lot. Goed voor hem en voor mij!

Joyce-websiteDoor blogexpert Joyce Lakwijk | Verandercoach

Ze verzorgt workshops en bezinningsdagen. Daarover kun je hier meer lezen!

Interessant en Inspirerend